![]() |
||||
|
Stappenplan / Stap 2 Werkvorm stap 2: Gezamenlijke visie en normen 1. Gezamenlijke visie Doel
Doelgroep
Benodigd materiaal
Opdracht Maak groepjes van drie à vier personen. Leg elk groepje doelstelling 1, 2 en 3 voor (zonder de positieve en negatieve gevolgen). Laat hen bij elke doelstelling zelf positieve en negatieve gevolgen aanbrengen. Schrijf de aangebrachte gevolgen op een bord of flap-over. Kies samen met de groep welke doelstelling je met de jeugdbeweging wil nastreven. Schrijf nadien je visie neer in een visietekst. Dit is de start van je beleid. Tips voor begeleiding Stel je doel scherp door rake vragen (en antwoorden) te formuleren.
Bijvoorbeeld: Leid(st)ers zijn verantwoordelijk voor hun manier van omgaan met dronken jongeren in de jeugdbeweging. (En niet: leid(st)ers zijn verantwoordelijk voor het drinkgedrag van jongeren. ) 2. Norm van de groepDoel
Doelgroep
Benodigd materiaal
Opdracht Maak groepjes van drie à vier personen. Leg de situatieschetsen voor. Eerst beoordeelt iedere deelnemer individueel de situaties met een score van - 2 tot + 2 (- 2 = totaal niet aanvaardbaar, + 2 = absoluut aanvaardbaar). Daarna tracht elk groepje per situatie tot een eensgezinde score te komen. Probeer uiteindelijk per situatie de scores van de groepjes te bundelen tot één score van alle groepjes samen. Zo kan je weten waar de normen en de grenzen van de ganse groep liggen. Tips voor begeleiding Je kan de werkvorm levendiger maken door op
de grond vijf grote vlakken te tekenen: - 2; - 1; 0; + 1; + 2. Laat
de deelnemers per situatie plaatsnemen in één van deze vakken. Door discussie met hun buurman/-vrouw
proberen ze elkaar te overhalen. Bedoeling is dat iedereen uiteindelijk
in één vak staat.
|
|
|||